home - over varens - varens in Nederland
 Muurvarens in Delft      
Muurvarens in Delft 2009, KNNV Delfland, fotografie: Raymond van der Ham

Delft [NL] – Na het recent verschenen rapport ’Muurflora in Delft 2009’ heeft de KNNV afdeling Delfland nu ook het rapport ’Muurvarens in Delft 2009’ uitgebracht, specifiek over de muurvarens in Delft. Het werd geschreven door Raymond van der Ham.
 

Binnen de muurflora zijn de muurvarens zowel in aantal soorten als in aantal exemplaren de laatste jaren de meest dominante groep geworden. En dat is niet alleen in Delft te constateren, maar deze tendens is in het gehele land gaande. De (muur)varens zijn aan een opmerkelijke opmars bezig.
De klimaatverandering zal daar waarschijnlijk één van de oorzaken van zijn.

Tongvaren (Asplenium scolopendrium) ~ Aan ’t Verlaat 41, oude gemaal Polder van Nootdorp ~ Beschermd

Gewone eikvaren (Polypodium vulgare) ~ Koornmarkt 75
 
Het is daarom zeer te waarderen, dat de KNNV afdeling Delfland een rapport speciaal over de muurvarens uitgeeft. Alle vindplaatsen zijn gedetailleerd in kaart gebracht. Met foto’s en herbariummateriaal, zodat het in de toekomst  mogelijk zal zijn om de ontwikkeling van deze muurvarens goed te kunnen monitoren.
 
Het voordeel van deze manier van werken is dat de populaties van deze veelal bijzondere en vaak beschermde  varensoorten beter behoed kunnen worden tegen onnodige vernielingen. Het is meer dan wenselijk, dat dit ook in andere steden verricht zal worden.
 
Muurvarens in Delft 2009
R. van der Ham, 2010.
Uitgave: KNNV afdeling Delfland.
Copyright: R. van der Ham 
KNNV afdeling Delfland.

Inleiding
Delft is één van die Hollandse steden met een binnenstad die rijkelijk bedeeld is met bruggen, kaden en oude muren. Dit soort stenige standplaatsen vormt de favoriete ’ondergrond’ voor zogenoemde muurplanten. Daaronder zijn soorten die je nauwelijks op andere plaatsen aantreft, zoals Muurleeuwenbek, Muurvaren, Steenbreekvaren en Tongvaren. Andere, zoals Mannetjesvaren en Muurpeper, zijn ook op minder stenige groeiplaatsen te vinden en zijn minder karakteristiek. Onder de muurplanten bevinden zich veel bijzondere varens.

Sinds het verschijnen van de Flora van Delft en Omstreken (van der Ham & Sosef, 1987) is er binnen Delft vier keer een inventarisatie van muurvarens uitgevoerd:

• in 1989 - 90 (van Poelgeest & de Vries, 1991),
• in 1994 (Visser, 1994),
• in 1999 (van der Ham, 2000),
• in 2004 (KNNV afd. Regio Delft, 2004).

Uitgezonderd de derde ronde, concentreerden alle inventarisaties zich op de bruggen en kaden in de binnenstad.



Brede stekelvaren (Dryopteris dilatata)~Oude Langendijk 3a
Na de vierde ronde werd een ’Beschermingsplan muurplanten’ opgesteld (Anon, 2005), waarin werd aangekondigd om de beschermingsmaatregelen in 2009 te evalueren. In het kader van een gemeentedekkende muurvarenronde in de periode juli - oktober 2009 werd daarom speciale aandacht besteed aan de muurvarens en een drietal bloemplanten op bruggen en kaden in de binnenstad. Met het oog op toekomstige bouw- en renovatie-activiteiten is deze muurflora toen ook in de TU-wijk in kaart gebracht. De resultaten voor beide wijken, waaronder waarnemingen van 12 muurvarensoorten van bij elkaar 379 groeiplaatsen, werden in december 2009 gepresenteerd (van der Ham, 2009).

Steenbreekvaren (Asplenium trichomanes)
Mijnbouwplein 11 ~ Beschermd

Adelaarsvaren (Pteridium aquilinum) ~ Doelenstraat 47/49
Deze plant werd in 2000 ontdekt en was eind 2001 nog aanwezig
De gemeentedekkende muurvarenronde werd gestart omdat de indruk bestond dat enkele soorten zich in Delft sterk aan het uitbreiden waren. Dit vermoeden is nu ruimschoots bevestigd. In heel Delft werden 15 soorten gevonden op bij elkaar 599 groeiplaatsen.

Behalve dat het aantal groeiplaatsen van de enkele soorten sterk gestegen bleek te zijn, werden ook drie nieuwe soorten aangetroffen: Smalle ijzervaren en twee Rode Lijst-soorten: Schubvaren en Zachte naaldvaren.
De inventarisatie is uitgevoerd in de periode juli - oktober 2009 en betreft alle varens op stenige groeiplaatsen in de gemeente Delft.

Zachte naaldvaren (Polystichum setiferum)
Schutterstraat 59 ~ Rode Lijst

Er is gezocht op alle min of meer openbare plaatsen. Hoewel elders is gebleken dat muurvarens ook in straatputten voorkomen (Vuik, 2005), is deze biotoop niet meegenomen in de Delftse inventarisatie.

De waarnemingen zijn opgenomen in een Access-database met de volgende kolommen: soort, wijk, vindplaats, toelichting, standplaats en aantal (zie bijlagen 1 en 2 van het rapport ’Muurvarens in Delft 2009’ -  onderaan dit artikel kunt u het gehele rapport downloaden).
 
Smalle ijzervaren (Cyrtomium fortunei) en Mannetjesvaren (Dryopteris filix-mas) ~ Maerten Trompstraat 33
 


 

Smal venushaar (Adiantum diaphanum) ~ Brabantse Turfmarkt, Turftonstersbrug


Wijkkaart Delft met wijkindeling - illustratie: At•mZ

klik hier om de afbeelding te vergroten
Soort  In deze kolom staan de Nederlandse namen van de aangetroffen muurvarens. De wetenschappelijke namen worden in de tabellen onder Resultaten genoemd. Alle namen zijn volgens Heukels’ Flora van Nederland (van der Meijden, 2005).

Wijk  Van west naar oost en van noord naar zuid worden de volgende wijken onderscheiden (zie kaartje): 1. Voordijkshoorn, 2. Hof van Delft, 3. Binnenstad, 4. Vrijenban, 5. Delftse Hout, 6. Buitenhof, 7. Voorhof, 8. Schieoevers (= wijk Schieweg plus het gebied tussen de Schie en de Rotterdamseweg) en 9. Wippolder (excl. gebied tussen de Schie en de Rotterdamseweg). De TU-wijk maakt (een aanzienlijk) deel uit van de wijk Wippolder.
In de wijken 10. Tanthof, 11. Abtswoude en 12. Ruiven zijn geen muurvarens aangetroffen.

Vindplaats  Meestal wordt een vindplaats aangeduid met een straatnaam + huisnummer. Als dat niet kan, wordt de vindplaats omschreven en in volgende kolom toegelicht. Bruggen zijn bijna altijd opgenomen onder de naam van de straat die ze kruisen. Zo is de Hoogbrug onder Achterom te vinden en de Vondelingenbrug onder Molslaan. De namen van straten, bruggen,

Wijfjesvaren (Athyrium filix-femina) ~ Wateringsevest, graf Maas Geesteranus
grachten etc. zijn volgens ’Straatnamen van Delft’ (van der Krogt, 2000).

Standplaats
  Deze kolom vermeldt op welk type stenige groeiplaats de genoemde muurvaren werd gevonden. Het betreft bijna altijd verticale oppervlakken:
 

• brug: de vrije delen en bruggenhoofden,
• kade: van de waterlijn tot de bovenrand,
• muur: een vrijstaande muur, zoals een tuinmuur,
• huismuur: een muur die deel uit maakt van een al of niet bewoond pand,
• bordes: de opstaande delen van een verhoging,
• bovenlicht: de ommuring van de ruimte vóór een venster bovenin een souterrain,
• trap: alle delen van een stenen trap,
• put: een waterput met een opstaande rand (boerderij Hoofbosch, Prinsenhof),
• plaveisel: bestrating rondom de waterput op de binnenplaats van de Prinsenhof.
 
Aantal  Wat betreft het aantal exemplaren per vindplaats worden drie categorieën onderscheiden: 1 = één exemplaar, div. = 2 - 9 exemplaren, veel = 10 of meer exemplaren.

De meeste groeiplaatsen zijn gefotografeerd, enerzijds om de toestand anno 2009 vast te leggen en met die van een volgende ronde te kunnen vergelijken, anderzijds om achteraf nog enige controle op de determinatie van de soort te kunnen hebben. Van elke gevonden muurvarensoort is een foto in dit rapport opgenomen, ook van drie soorten die inmiddels
verdwenen zijn.
Van enkele ’moeilijke’ soorten is materiaal verzameld. De twee eikvaren-soorten zijn alleen door microscopisch onderzoek betrouwbaar van elkaar te onderscheiden en zijn daarom steekproefsgewijs bemonsterd.
 

Brede eikvaren (Polypodium interjectum) ~ Michiel de Ruyterweg 31 ~ Muurtje in februari 2010 gesloopt

tabel 1 | Muurvarens in Delft 1868 - 2009: soorten en aantallen vindplaatsen
klik hier om de tabel te vergroten.
De database is geordend op soort (tabel 1) en op wijk (tabel 2). Bij de inventarisatie in 2009 zijn in de gemeente Delft 15 muurvaren soorten gevonden. In de tabel zijn deze soorten gerangschikt volgens afnemend aantal groeiplaatsen. Ter vergelijking zijn ook oudere gegevens in de tabel opgenomen: 1868 (de Witt Hamer, 1868), 1947 (van der Meulen, 1947), 1990 (van der Ham & Sosef, 1987; van Poelgeest & de Vries, 1991), 1996 (eigen data), 1999 (van der Ham, 2000), 2001 (eigen data) en 2005 (KNNV afd. Regio Delft, 2004; eigen data).

De meest voorkomende varensoorten in Delft zijn de Muurvaren en de Mannetjesvaren.
De Tongvaren staat op de derde plaats, maar in de binnenstad is de Gewone eikvaren waarschijnlijk net zo algemeen (de meeste eikvarens konden niet tot op de soort gedetermineerd worden).
De Steenbreekvaren komt op een aanzienlijk aantal groeiplaatsen voor. Brede stekelvaren en Brede eikvaren zijn zeldzamer.
De Gewone ijzervaren is op drie plaatsen gevonden. Alle andere soorten werden één of twee keer genoteerd.
Schubvaren, Smalle ijzervaren en Zachte naaldvaren zijn bij de afgelopen


Gewone ijzervaren (Cyrtomium falcatum) ~ Verwersdijk, Musquetierbrug z
 inventarisatieronde voor het eerst in Delft gevonden.
De enige groeiplaats van de Lintvaren is eind 2008 door renovatie-activiteiten verloren gegaan. Adelaarsvaren en Fijn venushaar verdwenen al eerder.
Kort na de ontdekking in 2000 vernam ik dat de muur waarop deze venushaar groeide binnen enkele weken gesloopt zou worden. De plant is daarom met ’voeg en steen’ uitgezaagd en heeft daarna nog jaren als potplant geleefd.

Fijn venushaar (Adiantum raddianum) ~ Voorstraat 38 - 40

Vergelijking met de oudere gegevens laat zien dat door de jaren heen het totale aantal soorten gestaag is toegenomen: van één soort in 1868 tot 15 soorten in 2009. Het totale aantal vindplaatsen nam in de laatste tien jaren toe van 113 tot 599, waarbij zowel de algemenere als de zeldzamere soorten zich hebben uitgebreid. Opmerkelijk is de toename van het aantal groeiplaatsen van Eikvaren, Steenbreekvaren en Tongvaren. In de Flora van Delft en Omstreken (van der Ham & Sosef, 1987) konden nog geen bestaande groeiplaatsen van deze drie soorten worden vermeld. In het begin van de jaren negentig begonnen deze soorten hun opmars en nu, in 2010, zijn bij de wet beschermde soorten als Steenbreekvaren en Tongvaren in Delft een stuk minder kwetsbaar dan destijds.

tabel 2 | Muurvarens in Delft 2009: soorten en aantallen vindplaatsen per wijk
klik hier om de tabel te vergroten.
Vergelijking van de gegevens per wijk (zie tabel) illustreert nog een andere positieve trend: bij de inventarisatie in 2009 zijn voor het eerst flinke aantallen muurvarens gevonden in enkele buitenwijken, vooral in Voordijkshoorn (’Rode Kruis-buurt’) en Voorhof. Deze wijken dateren uit de eerste helft van de jaren zestig en geschikte muren zijn daar nu blijkbaar ’rijp’ genoeg om muurvarens een groeiplaats te verschaffen. Opvallend is ook een muurtje uit 1967 met muurvarens in Buitenhof. De varens op de muren van de watertunnel van het oude gemaal Polder van Nootdorp (Delftse Hout) staan er vermoedelijk al erg lang. Ze zijn alleen bij betreding van het terrein te zien, waardoor ze jarenlang onopgemerkt konden blijven.
 
Conclusies
Het gaat (bijna overal*) goed met de Delftse muurvarens! * zie naschrift

• De conclusies die gebaseerd werden op de waarnemingen in de binnenstad (bruggen en kaden) en de TU-wijk (van der Ham, 2009) worden ruimschoots ondersteund door de resultaten van de gemeentedekkende muurvaren inventarisatie (220 groeiplaatsen extra: muren in de binnenstad en groeiplaatsen buiten de binnenstad en de TU-wijk).
 

Muurvaren (Asplenium ruta-muraria) ~ Westvest 41/47 ~ De meest algeme muurvarensoort in Delft

Smalle stekelvaren (Dryopteris carthusiana) ~ Oude Langendijk, Bijbelbrug
 
• Vergelijkend met eerdere inventarisaties kan geconcludeerd worden dat zowel de algemene als de zeldzame soorten op steeds meer plaatsen voorkomen.
 


Mannetjesvaren (Dryopteris filix-mas) ~ Yperstraat 46
 

• Muurvaren en Mannetjesvaren zijn nog wel steeds de algemeenste muurvarensoorten.

• Tongvaren, Steenbreekvaren en Eikvaren hebben zich spectaculair uitgebreid.
 


Lintvaren (Pteris multifida) en Tongvaren (Asplenium scolopendrium) ~ Mijnbouwstraat 120
 
• Tussen 1999 en 2009 zijn in Delft drie nieuwe muurvaren soorten waargenomen: Fijn venushaar (in 2000; van der Ham, 2001), Smal venushaar (in 2001; van der Ham, 2002) en Lintvaren (in 2005; van der Ham, 2006). Bij alle drie gaat het waarschijnlijk om verwildering (inburgering?) uit cultuur. De groeiplaats van Fijn venushaar heeft door een verbouwing maar kort bestaan en de Lintvaren is door renovatiewerkzaamheden aan het Mijnbouwkundecomplex waarschijnlijk eind 2008 verdwenen. Smal Venushaar is nog steeds aanwezig.
De Lintvaren is in 2005 ontdekt en eind 2008 ’weggerenoveerd’

Schubvaren (Asplenium ceterach) ~ Westvest 143 ~ Beschermd, Rode Lijst
• In 2009 zijn drie nieuwe soorten ontdekt: Smalle ijzervaren, Schubvaren en Zachte naaldvaren. Smalle ijzervaren is van oorsprong een cultuurplant. Dit geldt ook voor de Rode Lijst soort Zachte naaldvaren (in Delft vermoedelijk verwilderd uit aanplant in de Doelentuin). De beschermde Schubvaren, ook een Rode Lijst soort, is mogelijk komen aanwaaien uit Rotterdam of Den Haag, waar deze kritische muurvaren al langer bekend is.
 


Zwartsteel (Asplenium adiantum-nigrum) ~ Michiel de Ruyterweg 31 ~ Beschermd ~ Muurtje in februari 2010 gesloopt

• De zeldzame Zwartsteel werd in 2009 op een tweede groeiplaats in de TU-wijk aangetroffen.

• In 2009 zijn voor het eerst flinke aantallen muurvarens gevonden in enkele buitenwijken uit de eerste helft van de jaren zestig. Geschikte muren in die wijken zijn nu blijkbaar ’rijp’ genoeg om muurvarens een groeiplaats te verschaffen.

• De toename van de aantallen groeiplaatsen van muurvaren soorten in Delft en de vestiging van nieuwe soorten (incl. verwildering uit cultuur) passen in een landgrens-overschrijdende trend (Verloove e.a, 2007), maar ongetwijfeld spelen ook plaatselijke factoren als een muurflora vriendelijk beleid en/of beheer een belangrijke rol (Denters, 2004). Ter illustratie van dit laatste: in de binnenstad van Leiden komen muurvarens maar spaarzaam voor (meded. M. de Graaf, 2010), aanzienlijk minder dan in de veel kleinere Delftse binnenstad.
 
• Tenslotte, muurvarens zijn niet de oorzaak van de plaatselijk slechte staat van de Delftse bruggen en grachtmuren. Opslag en wortels van houtige planten (= achterstallig onderhoud) en te zwaar verkeer zijn de ware schuldigen.

Naschrift
In februari 2010 werd aan de Michiel de Ruyterweg een muurtje met Zwartsteel, Tongvaren (beschermde soorten), Brede eikvaren (doelsoort, waarvoor Nederland internationaal gezien een speciale verantwoording heeft) en Muurvaren gesloopt. Eind 2008 ging de groeiplaats aan de Mijnbouwstraat met Steenbreekvaren (ook beschermd), Tongvaren en de enige Delftse Lintvaren door renovatie verloren. Voor beide locaties waren afspraken gemaakt voor het behoud van muurvarens. Ofwel, zoals Fleur Norbruis op de website van GroenLinks het Delftse Ecologieplan karakteriseerde: makkelijker geschreven dan uitgevoerd...
 
Het gehele rapport ’Muurvarens in Delft 2009’ is hier als pdf-bestand te downloaden.
Copyright: KNNV afdeling Delfland, 2010. Referentie: R. van der Ham, 2010. Muurvarens in Delft 2009. KNNV afdeling Delfland. Overname van delen van de tekst is toegestaan onder bronvermelding.
 

Wat is en doet de KNNV
De Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging afdeling Delfland is de natuurvereniging voor Delfland. Een vereniging waarvan de leden actief bezig zijn met natuurstudie, natuureducatie en natuurbescherming.
De KNNV voelt zich verantwoordelijk voor het Delflandse gebied, dat zich uitstrekt van de Noordzeekust tot aan de Rottemeren en tussen de A12 en de A20. Hun doel is de diversiteit aan gebieden en soorten te behouden en de mensen ervan te laten genieten: samenleven met de natuur. Meer informatie is te vinden op de website.